Delftse SchaakSite - de geschiedenis van de Delfsche SchaakClub

Externe competitie

In 1922 start de landelijke competitie met een elitegroep van 5 clubs. Het jaar daarop beginnen de onderbonden met competities. Ook DSC neemt in 1923 deel aan deze competitie van de Haagse Schaakbond (toen nog heel Zuid-Holland) en eindigt als voorlaatste. Dit viel blijkbaar tegen, en de twee volgende seizoenen doet DSC niet mee. In het seizoen 1925/1926 doet DSC weer mee aan de competitie, in de tweede klasse van de Nederlandse Schaakbond. DSC eindigt als laatste, en schrijft zich daarna niet weer in voor de bondscompetitie.

In de jaren 30 daalt door het slechte economische tij het ledenaantal van DSC drastisch. Na een historisch dieptepunt in 1933 neemt het aantal leden door de inspanningen van met name de heer Strick van Linschoten sterk toe. In 1935 neemt DSC weer deel aan de bondscompetitie, en in 1936 wordt er zelfs een tweede team ingeschreven dat meteen weet te promoveren.

Tijdens de bezetting in de eerste helft van de jaren 40 ligt de externe competitie stil. Direct na de bezetting worden de teamwedstrijden weer opgestart. In eerste instantie neemt DSC met 6 teams deel, als later het ledental daalt worden het er 4.

DSC is dan een van de sterkste verenigingen in de HSB, maar weet pas in 1950 promotie naar de tweede klasse KNSB te bewerkstelligen. In 1952 volgt zelfs promotie naar de eerste klasse KNSB. Het tweede degradeert dat jaar echter uit de promotieklasse van de HSB, wat het gat tussen de twee teams wel erg groot maakt. Gelukkig is dit maar tijdelijk. Het jaarverslag van 1953 meldt: "DSC2 promoveert naar de promotieklasse, DSC3 naar de eerste klasse en DSC6 naar de vierde klasse." Een jaar later weet het derde zich zelfs in de promotieklasse te spelen, en kan er zelfs een zevende team worden ingeschreven.

In 1956 begint echter een kentering. Het tweede degradeert uit de promotieklasse, terwijl het derde zich in die klasse weet te handhaven. Ook het aantal teams loopt terug. In 1957 zijn het er nog slechts vier, een aantal dat jaren zal worden gehandhaafd. Ook het eerste krijgt het in de eerste klasse KNSB steeds zwaarder. In 1957 en 1958 wordt degradatie nipt ontlopen, maar in 1959 is het onontkoombaar. Verrassend genoem wordt het tweede dat jaar kampioen van de HSB, maar het verliest de promotiewedstrijden. Als het eerste het daaropvolgende jaar wederom degradeert, nu naar de promotieklasse HSB, is het dieptepunt bereikt.

De jaren zestig beginnen met de promotie van het eerste naar de tweede klasse KNSB (1962). Het wordt overtuigend kampioen van de HSB en wint daarna ook de promotiewedstrijden die nodig zijn om promotie veilig te stellen. DSC is in de jaren die volgen een sterke club die zich kan meten met de subtop van Nederland.

In het seizoen 1965/1966 wordt het eerste kampioen en promoveert na een afwezigheid van 8 jaar weer naar de eerste klasse KNSB. Het tweede eindigt als tweede in de promotieklasse. Een jaar eerder had het die klasse gewonnen, maar had het de promotiewedstrijden helaas verloren. Het volgende seizoen eindigt het eerste knap op een derde plek in de eerste klasse KNSB.

Het seizoen 1967/1968 is een stuk zwaarder voor de eerste teams Het eerste tiental ontsnapt een half bordpunt verschil maar nipt aan degradatie. Het tweede doet het een stuk beter; het ontsnapt met een heel bordpunt verschil aan degradatie uit de promotieklasse. Maar niet alles gaat moeizaam. Dat jaar promoveren het vierde en vijfde van DSC. Een jaar later eindigt het eerste op een keurige vijfde plek. De laatste wedstrijd van dat seizoen trekt veel belangstelling: DSC1 speelt tegen DD1 dat nog promotiekansen heeft. Het wordt gelijk.

In de jaren 70 gaan de resultaten in de externe competitie langzaam achteruit. Het aantal externe teams bedraagd vier of vijf, en dat is gezien het ledenaantal niet erg veel. In 1970 degradeert het eerste naar de tweede klasse KNSB, en in 1976 zelf naar de promotieklasse HSB. Het eerste jojoot de jaren daarna op en neer tussen de promotieklasse van de HSB en de nationale competitie. De degradatie in 1980 terug naar de onderbond was wel een hele zure: Keres 2 had nog 1 matchpunt nodig om kampioen te zijn, LSG 2 nog 1 matchpunt om niet te degraderen. De jaren daarna weet DSC niet meer te promoveren.

In 1985 begint een nieuwe fase in het leven van DSC. Op miraculeuze wijze wordt DSC1 kampioen van de promotieklasse van de HSB. Twee ronden voor het einde stond DSC nog 3 matchpunten achter, maar nadat in de laatste ronde was gewonnen en concurrent Promotie had gelijkgespeeld was het kampioenschap een feit. De promotiewedstrijden werden vervolgens gewonnen, en voor het eerst sinds 1980 had DSC weer een team in de landelijke competitie.

De euforie bereikt nog grotere hoogten als in 1987 het eerste wederom promoveert, nu naar de eerste klasse van de KNSB. Het verblijf in de eerste klasse zal echter maar een jaartje duren. Maar aangezien in dat seizoen het tweede promoveert, heeft DSC in 1989 voor het eerst in haar bestaan twee teams die landelijk spelen. In 1990 promoveert DSC1 weer naar de eerste klasse. Helaas niet als kampioen, en met de nodige protesten. Het roemruchte Koningsclub, een club met zeer veel sterke spelers en gefinancierd door miljonair Pagel, trekt zich halverwege het seizoen terug uit de hoofdklasse. DSC promoveert als beste nummer 2. Het verblijf in de eerste klasse zal wederom slecht een seizoen bedragen.

In het begin van de jaren '90 verlaat een aantal sterke spelers DSC. Het eerste speelt niet meer om het kampioenschap in de tweede klasse, en in 1993 speelt het zelfs een klasse lager, samen met het tweede. Het volgende seizoen degradeert het tweede helaas naar de onderbond. Ook het aantal teams loopt langzaam terug. Waren er in 1990 nog een recordaantal van 9, in 1995 waren het er nog 6.

In 1995 keert het eerste eindelijk terug in de tweede klasse KNSB. Een prachtig resultaat in het jaar dat DSC haar 100e verjaardag viert. En in 1997 promoveert DSC1 zelfs als beste nummer twee naar de eerste klasse, waar het zich de daaropvolgende jaren weet te handhaven. Ook in de breedte gaat het beter met de club. Zo kan een weer zevende team worden ingeschreven.

Sinds de verhuizing in 1999 is DSC behoorlijk gegroeid, zowel bij de senioren als bij de jeugd. Het aantal teams in de externe-competitie werd uitgebreid (van 7 in 1999 tot 9 in 2003), en DSC is nu de grootste vereniging in de Haagse Schaakbond. Dat betekent dat het soms behoorlijk druk is. Als twee of drie externe teams thuisspelen 'lopen' er al gauw tegen de 100 schakers rond!

In de externe competitie speelt DSC1 in de 1e klasse KNSB. In het seizoen 2001-2002 was er weliswaar een slecht seizoen dat met degradatie werd afgesloten, maar het volgende seizoen werd DSC1 overtuigend kampioen en keerde direct weer terug in de eerste klasse. Voor DSC2 geldt dat ze al jaren meespelen in de top 3e klasse KNSB. In de regionale competitie is DSC op alle niveau's vertegenwoordigd.

de Delftsche SchaakClub
de grootste, actiefste en gezelligste schaakclub van Delft

jeugd [ma 18:30-20:00]
Er is op 5 niveau's schaaktraining. Daar­na is er competitie, of een van de vele andere activiteiten.

senioren [ma 19:45-01:00]
De grote interne competitie heeft schakers van elk niveau. Ook zijn er veel andere activiteiten.

copyright
© 2002-2017 Delftsche SchaakClub

powered by
WoltLab GbR, Tjip BV & 2B Insite

software
FirstClassWebsite v1.6.1124.1
DSS v2.9.0701.1
WoltLab Burning Board
GNU WebChess

statistieken
Nedstat Basic  nedstat

disclaimer, privacy politiek, sitemap